Hervorming box 3 belasting op spaargeld: huidige status

60.000 mensen die bezwaar hebben gemaakt tegen de belasting over spaargeld en ander vermogen over 2017 t/m 2020 krijgen voor 4 augustus geld terug. Degenen die geen bezwaar of niet op tijd bezwaar hebben gemaakt krijgen vooralsnog geen geld terug.

Bezwaar box 3: Hoe zat het ook alweer?

De Hoge Raad heeft eind december 2021 geoordeeld dat de belastingheffing over vermogen in box 3 zoals spaargeld in strijd is met de wet.

Via box 3 betaal je belasting over vermogen. Sinds 2017 maakt de belastingdienst onderscheid tussen beleggen en sparen. De belastingdienst veronderstelt dat je met beleggen een hoger rendement haalt dan met sparen en gaat daarbij uit van een fictief rendementspercentage. Daarnaast maakt de belastingdienst een fictieve verdeling tussen beleggingen en spaargeld. Bij een bepaald vermogen wordt verondersteld dat het deel in beleggingen ook groter is.

Alleen bezwaarmakers ontvangen vooralsnog geld

Iedereen die teveel belasting heeft betaald in box 3 en bezwaar heeft gemaakt op de belastingaanslag over 2017 t/m 2020 krijgt daardoor geld terug. Het terugbetalen van dit geld kost € 2,8 miljard.

Iedereen die geen bezwaar of niet op tijd bezwaar heeft gemaakt krijgt vooralsnog geen geld terug. Hierbij is een uitspraak van de Hoge Raad bij een andere box 3 procedure van belang. Die wordt in het najaar 2022 verwacht. Het kabinet neemt voor het einde van 2022 een beslissing of deze groep wel geld terugkrijgt of niet. Als het kabinet er voor kiest dat deze groep geen geld terugkrijgt, kun je nog een verzoek tot ambtshalve vermindering indienen. En bij afwijzing daarvan in bezwaar en beroep gaan.

Spaarvariant

Met behulp van de zogenoemde spaarvariant wordt berekend hoeveel geld iemand terugkrijgt. In de spaarvariant wordt uitgegaan van de werkelijke verdeling van spaargeld en beleggingen.

  • Spaargeld wordt belast op basis van de actuele spaarrente (nagenoeg 0%)
  • Schulden worden belast op basis van de hypotheekrente
  • Beleggingen worden belast op basis van het meerjarige gemiddelde rendement (dat is nu ook het geval)

Wat vanaf 2023 en verder?

De spaarvariant geldt voor 2017 t/m 2022. Deze wordt ook gebruikt voor 2023 en 2024. Dit zal via spoedwetgeving worden ingevoerd.

Het kabinet wil vanaf 2025 het werkelijke rendement van vermogen belasten. Hierbij worden ook vermogenstoenames, zoals koerswinsten en waardestijgingen van onroerend goed belast.

Heb je hier nog vragen over, neem dan contact met ons op.

Martijn Vermunt
Partner
info@bghaccountants.nl

  • Martijn Vermunt
    Martijn Vermunt Partner

Meer weten over dit onderwerp?